Taal en spelling · groep 8

Zinsbouw verbeteren

Je kind verbetert de zinsbouw: herkent een contaminatie, kiest de persoonsvorm die past bij het onderwerp (ook bij een onduidelijk getal), kiest die, dat of wat, en vermijdt veelgemaakte fouten (hun/zij, me/mijn, als/dan).

Wat je kind oefent

  • BegrijpenEen zin met een contaminatie (twee uitdrukkingen door elkaar) herkennen en de goede zin kiezen.
  • ZelfstandigDe persoonsvorm laten kloppen met het onderwerp, ook bij woorden als een groep, het team, een aantal.
  • ZelfstandigKiezen tussen die, dat en wat als verwijzend woord.
  • ToepassenVeelgemaakte fouten verbeteren: hun/zij, me/mijn, jou/jouw, als/dan.

Probeer het zelf

Zo ziet een opdracht eruit. In Stofferblik krijgt je kind steeds nieuwe opdrachten op zijn of haar niveau.

Niveau 1: Begrijpen

Welke zin is goed?

Niveau 2: Zelfstandig

Welke persoonsvorm past? ‘Het team … gewonnen.’

Niveau 2: Zelfstandig

Welk woord past op de puntjes? ‘Het boek … ik lees, is spannend.’