Taal en spelling · groep 5

Persoonsvorm vinden

Je kind vindt de persoonsvorm met de tijdproef en de vraagproef en herleidt de persoonsvorm tot het hele werkwoord.

Wat je kind oefent

  • BegrijpenDe tijdproef: welk woord verandert als je de zin in een andere tijd zet?
  • ZelfstandigDe vraagproef: welk woord komt vooraan als je er een vraag van maakt?
  • ZelfstandigDe persoonsvorm in een zin aantikken.
  • ToepassenBij de persoonsvorm het hele werkwoord kiezen.

Probeer het zelf

Zo ziet een opdracht eruit. In Stofferblik krijgt je kind steeds nieuwe opdrachten op zijn of haar niveau.

Niveau 1: Begrijpen

Zet de zin in een andere tijd. Welk woord verandert? Dat is de persoonsvorm.

Tim eet een appel.

Niveau 2: Zelfstandig

Maak er een vraag van: ‘Fietst jij naar school?’ Welk woord kwam vooraan? Dat is de persoonsvorm.

Jij fietst naar school.

Niveau 3: Toepassen

Wat is het hele werkwoord bij de persoonsvorm ‘fietst’?