Bedoeling van schrijver bepalen
Je kind bepaalt de bedoeling van de schrijver: het doel van een tekst (informeren, overtuigen, instrueren, vermaken), de bedoeling van een tekstgedeelte of formulering, en wat de schrijver met de hele tekst wil.
Wat je kind oefent
- BegrijpenHet doel van een (korte) tekst kiezen: informeren, overtuigen, instrueren of vermaken.
- ZelfstandigDe bedoeling van een tekstgedeelte of een bepaalde formulering kiezen (bijvoorbeeld een vraag aan het begin, een voorbeeld).
- ToepassenKiezen wat de schrijver met de hele tekst wil bereiken.
- ToepassenDoorstroomtoets (lezen): langere teksten met meerkeuzevragen over verbanden, bedoeling en standpunt (referentiekader 1F/2F).
Probeer het zelf
Zo ziet een opdracht eruit. In Stofferblik krijgt je kind steeds nieuwe opdrachten op zijn of haar niveau.