Taal en spelling · groep 6

Leesfouten herkennen en herstellen

Je kind merkt een leesfout op (een woord dat niet in de zin past, een verkeerd gelezen woord) en herstelt die met behulp van de zin, en leest de leesmoeilijkheden van M6 correct.

Wat je kind oefent

  • BegrijpenHet woord aanwijzen dat verkeerd gelezen is omdat het niet in de zin past.
  • ZelfstandigHet goede woord kiezen dat de zin weer laat kloppen.
  • ZelfstandigWoorden met de leesmoeilijkheden van M6 correct lezen (trema, eu/iu, leenwoorden met ai, ou, oi, sh, j).
  • ToepassenControleren of een zin nog klopt en zo een leesfout ontdekken.

Probeer het zelf

Zo ziet een opdracht eruit. In Stofferblik krijgt je kind steeds nieuwe opdrachten op zijn of haar niveau.

Niveau 2: Zelfstandig

In de zin past ‘stang’ niet. Welk woord moet het zijn?

De brandweer blust het vuur met een lange stang.

Niveau 2: Zelfstandig

Hoe spreek je ‘croissant’ uit? Let op de oi.

Niveau 3: Toepassen

Klopt deze zin, of is er een woord verkeerd gelezen? Kies ja als de zin klopt.

De kat klom snel in de hoge boot.