Tafels van 1 tot en met 5 en 10
Je kind kent de tafels van 1, 2, 3, 4, 5 en 10 vlot: eerst de steunsommen (1×, 2×, 5×, 10×), dan alle sommen door elkaar, ook met een ontbrekend getal. Bij de tafel van 2 horen even en oneven.
Wat je kind oefent
- BegrijpenDe tafels van 1, 2 en 10.
- BegrijpenDe tafel van 5 (ook als helft van 10×).
- ZelfstandigDe tafels van 3 en 4 (4× als dubbel van 2×).
- ToepassenAlle sommen van deze tafels door elkaar en vlot.
- ToepassenEen ontbrekend getal in een tafelsom.
- BegrijpenEven en oneven getallen herkennen.
Probeer het zelf
Zo ziet een opdracht eruit. In Stofferblik krijgt je kind steeds nieuwe opdrachten op zijn of haar niveau.