Rekenen · groep 4

Rekenbewerking controleren

Je kind controleert een uitkomst: met de omgekeerde som, met een schatting (klopt het ongeveer?) en door een fout in een uitwerking te vinden.

Wat je kind oefent

  • BegrijpenEen aftrekking controleren met een optelling en andersom.
  • ZelfstandigEen deelsom of keersom controleren met de omgekeerde bewerking.
  • ZelfstandigMet ronde getallen schatten of een uitkomst kan kloppen.
  • ToepassenIn een uitwerking van een ander de fout vinden.

Probeer het zelf

Zo ziet een opdracht eruit. In Stofferblik krijgt je kind steeds nieuwe opdrachten op zijn of haar niveau.

Niveau 1: Begrijpen

41 + 27 = 68. Controleer met een minsom: 68 − 27 = ?

Niveau 2: Zelfstandig

56 : 8 = 7. Controleer: 7 × 8 = ?

Niveau 2: Zelfstandig

Iemand rekent: 60 + 37 = 87. Kan dat kloppen? Schat eerst.