Taal en spelling · groep 4

Poëzie herkennen

Je kind herkent een gedicht aan korte regels, witregels, rijm en herhaling, en onderscheidt het van een verhaal.

Wat je kind oefent

  • BegrijpenKiezen of een tekst een gedicht of een verhaal is.
  • ZelfstandigKenmerken van een gedicht kiezen (regels, rijm, herhaling).
  • ToepassenHet aantal regels (versregels) van een gedicht tellen.

Probeer het zelf

Zo ziet een opdracht eruit. In Stofferblik krijgt je kind steeds nieuwe opdrachten op zijn of haar niveau.

Niveau 1: Begrijpen

Is dit een gedicht of een verhaal? (De / betekent: nieuwe regel.)

Mijn kat heet Mies, / ze is soms wat vies. / Ze slaapt de hele dag / op het warme dak, dat mag.

Niveau 2: Zelfstandig

Dit gedicht rijmt niet. Is het toch een gedicht?

Ik heb een kleine vis, / die zwemt in een bak. / Hij kijkt me elke ochtend aan / en zegt dan: blub, blub, blub!

Niveau 3: Toepassen

Hoeveel regels heeft dit gedicht? (De / betekent: nieuwe regel.)

Het regent en het giet, / de kikker zingt een lied. / Hij springt van plas naar plas / en zwemt in het hoge gras.