D of t kiezen
Je kind kiest d, t of dt aan het eind van een woord.
Wat je kind oefent
- BegrijpenBij een zelfstandig of bijvoeglijk naamwoord d of t kiezen door het langer te maken.
- ZelfstandigBij een persoonsvorm d, t of dt kiezen (stam + t).
- ToepassenDoor elkaar: naamwoord of werkwoord, d, t of dt.
Probeer het zelf
Zo ziet een opdracht eruit. In Stofferblik krijgt je kind steeds nieuwe opdrachten op zijn of haar niveau.