Rekenen · groep 7

Schaal in dagelijkse situaties

Je kind werkt met schaal: met een schaallijntje of schaal de werkelijke afstand berekenen, de schaal bepalen en een afstand op de kaart uitrekenen.

Wat je kind oefent

  • BegrijpenMet een schaallijntje of schaal de echte afstand uitrekenen.
  • ZelfstandigDe schaal berekenen als een afstand op de kaart en in het echt bekend zijn.
  • ZelfstandigEen echte afstand omrekenen naar een afstand op de kaart.
  • ToepassenOp een plattegrond of bouwtekening maten terugrekenen.

Probeer het zelf

Zo ziet een opdracht eruit. In Stofferblik krijgt je kind steeds nieuwe opdrachten op zijn of haar niveau.

Niveau 1: Begrijpen

Een kaart heeft schaal 1 : 200.000. Op de kaart is de afstand 1,5 cm. Hoeveel km is dat in het echt?

Niveau 2: Zelfstandig

Op een kaart is 5 cm in het echt 100 m. Welke schaal heeft de kaart?

Niveau 2: Zelfstandig

Een plattegrond heeft schaal 1 : 500. Een kamer is in het echt 12 m lang. Hoeveel cm is dat op de plattegrond?